SNL1
Van landbouwgrond naar natuurgebied in Lettele
Tijdens een informatieavond in de kerk in Bathmen hoorde hij ervan: de mogelijkheid om landbouwgrond ‘om te zetten’ in natuur. Dat sprak Gerrit Stegink en zijn vrouw Henny wel aan. Hun grond, nabij landgoed De Oostermaet in Lettele, kwam ervoor in aanmerking. Inmiddels gaat de natuur daar nu volop zijn gang met hulp van de Subsidieregeling Natuur- en Landschapsbeheer.
Drie jaar geleden stopte Gerrit Stegink aan de Bathmenseweg in Lettele met melken. Hij houdt zich nu nog bezig met jongvee en grondbewerking en is verder volop actief in vrijwilligerswerk. “Ik heb het altijd met plezier gedaan, maar het is nu ook fijn dat je niet meer 52 weken per jaar gebonden bent aan twee keer daags melken”, merkt Gerrit Stegink. “De druk is eraf.”
Natuurvereniging bood hulp
Met hulp van een natuurvereniging regelde Gerrit Stegink de subsidieaanvraag en noodzakelijke papieren, want alles werd notarieel vastgelegd. “Je tekent ervoor dat de grond minimaal dertig jaar natuur blijft”, licht Gerrit toe. In het gebied kwam ook een waterberging, dus er moest ook met het Waterschap worden afgestemd. “Nu wordt het water op het terrein vastgehouden en kan het geleidelijk wegstromen.”
Geregeld wandelt hij nog wel even naar ‘zijn’ oude landbouwgrond bij De Oostermaet, om daar op het bankje te genieten van planten en dieren. “Ik ben altijd een natuurmens geweest”, vertelt Stegink enthousiast. “Toen ik het ijsvogeltje zag, was mijn hele week goed.” Het idee om een stuk natuur toe te voegen aan de nabije omgeving, sprak dus aan.
Ingewikkeld
De regelgeving is best ingewikkeld, merkte Stegink. En hoe alles financieel nu precies in elkaar zit, is hem eerlijk gezegd nog niet helemaal duidelijk. Daarom is zijn advies voor wie ook speelt met de gedachte om mee te werken aan nieuwe natuur: “Laat een deskundige kijken naar de plannen.”
Uil en muizen blij
Inmiddels heeft Stegink ‘zijn natuur’ verkocht. Dat kon, mét inachtneming van de ‘natuurafspraken’. De nieuwe eigenaren komen geregeld naar het natuurgebied om er te genieten van ‘groei en bloei’.
“Naast de waterberging en vistrappen vind je hier verschraald grasland”, legt Gerrit Stegink uit. “Als je het niet bemest, krijg je de eerste paar jaar veel gras en daarna zie je allerlei planten terugkomen. Daarmee ook vogels en insecten. Voor uilen en muizen is het geschikt hier. Ik zie hier ook nog wel eens hazen of reeën grazen, maar nu het hier meer verwildert zal dat vast minder worden. Die houden juist van vers gemaaid grasland.”
